Back

Nu te zien | Ploegendienst 5

Jivan van der Ende, Merel Nijhuis en Queer Collective Workers’ Union

Nu te zien: de resultaten van de vijfde Ploegendienst, onderdeel van het programma H0ha.

Ploegendienst 5 | Jivan van der Ende, Merel Nijhuis en Queer Collective Workers’ Union
Werkperiode: Januari- maart 2026
Lentesamenscholing: 21 maart 2026
Te bezoeken: 21 maart t/m 23 mei 2026

Ploegendienst 5 is onderdeel van het programma H0Ha. In dit meerjarenprogramma worden de werkplaatsen van Plaatsmaken ingezet om te experimenteren met vormen van protest en verzet, door middel van beeld en taal. Dichters, beeldend kunstenaars, activisten en publiceerders worden uitgenodigd om in zogenaamde 'Ploegendiensten' samen te werken bij Plaatsmaken. H0Ha wordt gecureerd door collectief Sunflower Soup.

Over Ploegendienst 5
Kunstenaars Merel Nijhuis, Jivan van der Ende en de Queer Collective Workers’ Union behandelen de zichtbare en onzichtbare aspecten van arbeid, en de emotionele en fysieke pijn die daarmee gepaard gaat.

Binnen H0ha keren vragen rond arbeid steeds terug. Toen we kozen voor het woord ‘ploegendienst’, voelden we ons aangetrokken tot de proletarische of zelfs socialistische connotatie ervan. Natuurlijk zit er ook een romantische kant aan deze keuze, maar het hielp ons ook om na te denken over de manier waarop de verschillende soorten arbeid werden beloond. In het eerste jaar van Hoha ontvingen alle deelnemers hetzelfde uurloon, maar dit bleek moeilijk hanteerbaar, omdat de vraag is: wat is arbeid precies? Wanneer begint en eindigt activistische of artistieke arbeid? En misschien is de moeilijkheid nog fundamenteler. Want etymologisch heeft het woord ‘arbeid’ de volgende achtergrond:

‘ca. 1300: “een taak, een project” (zoals de werken van Hercules); later “lichamelijke inspanning; moeite, moeilijkheid, ontbering” (eind 14e eeuw), van het Oudfranse labor “zwoegen, werk, inspanning, taak; beproeving, lijden” (12e eeuw, modern Frans labeur), van het Latijnse labor “zwoegen, inspanning; ontbering, pijn, vermoeidheid; een werk, een product van arbeid”, een woord van onzekere oorsprong.’

Dat brengt ons bij de ontberingen die onlosmakelijk verbonden lijken met het onder ogen zien van ongemakkelijke waarheden, wat op zijn beurt weer onlosmakelijk verbonden lijkt met activisme. Het is misschien gerechtvaardigd om te zeggen dat de arbeid van Ploegendienst 5 zowel bestaat uit het maken van drukwerk als uit het omgaan met pijn.

Met dank aan Mondriaan Fonds en Gemeente Arnhem.

Merel Nijhuis
Tijdens de Ploegendienst bij Plaatsmaken maakte Merel zines waarin ze tekst, cyanotype en zeefdruk combineerde. Het werk draait om haar ervaring van (crip)tijd, wat het betekent om ‘gezond’ te zijn in ons huidige politieke klimaat, welzijn, vreugde en tegenstellingen. Elk zine is net iets anders, waardoor ze net zo uniek zijn als de belichaamde ervaring van het moment waarop ze geproduceerd zijn: sommige zines zijn gemaakt tijdens een periode van knallende hoofdpijn of terwijl ze een terugkerend tintelend gevoel in hun vingertoppen had, en andere zines zijn gemaakt terwijl ze van de eerste lente zon genoot.

Merel Nijhuis is een cripqueer schrijver, kunstenaar en redacteur. Ze schrijft experimentele poëzie en is geïnspireerd door kritische theorie, processen van cripping en queering, onbetrouwbare herinneringen en belichaamde ervaringen. Hun werk is gepubliceerd in literaire tijdschriften als nY en Hard//hoofd.

Jivan van der Ende
Tijdens de Ploegendienst geeft Jivan van der Ende zich over aan haar fascinatie voor reflecterende werkkleding. Ze verdiept zich in de dramatiek en camp van reflecterende inkten om te zien wat er gebeurt als potten een deksel vinden, er licht is in de donkere kamer en de billen blootgaan.

Jivan van der Ende is een beeldend kunstenaar die symbolen van machtsstructuren en sociale constructies analyseert en ontleedt. Haar eclectische methode is gebaseerd op eindeloos verzamelen, documenteren, uit elkaar scheuren en hergebruiken.

Een essentieel onderdeel van haar praktijk is het genderoverschrijdende onderzoek naar kleding. Tijdens de Ploegendienst is het project van de kunstenaar gradueel overgenomen en uiteindelijk volledig gekaapt door haar fetisj voor reflecterende werkkleding.

Queer Collective Workers' Union 
presenteert hun oprichtingsbrief op een billboard, gebaseerd op de tegenstrijdigheid: een collectief dat van werknemers eist dat ze ‘alleen werken’. Hun tegenarchief is een online publicatietool die gebruikmaakt van een ‘Seed Packet’-sjabloon. Tijdens hun bijeenkomst vormt het reclamebord het middelpunt van de ruimte, wordt het archief geprojecteerd en biedt een informatietafel ‘Seed Packet’-posters en merchandise van de vakbond aan. Leden van de vakbond leiden gesprekken en leggen verbanden tussen hun specifieke conflict en bredere strijdpunten. Het evenement markeert hun publieke start. De infrastructuur voor collectief auteurschap is in aanbouw.